Zoeken
  • Arakiel de Hoop

De aardbol is niet empirisch bewezen.

Bijgewerkt: 30 jul 2019


1. Inleiding

Wetenschap is een breed begrip en wordt op veel verschillende manieren uitgelegd. Naar mijn mening wordt dit begrip vaak misbruikt. Hierdoor ontstaan er veel misvattingen met alle ellende van dien. Daarom is het belangrijk om van te voren het begrip wetenschap te definiëren.


2. De definitie (empirisch) wetenschap

Wetenschap is objectieve menselijke kennis die verworven is op een systematische manier. Die manier wordt de wetenschappelijke methode genoemd. Dat houdt in dat je door observaties en experiment je kennis verkrijgt. Die observaties zouden alleen moeten gaan over fenomenen of natuurverschijnselen. Dus datgene wat we zelf kunnen observeren in de fysieke wereld. Deze wetenschap wordt ook wel empirisch wetenschap genoemd. Wetenschap gebaseerd op proeven en experimenten.


3. Wat is een fenomeen

Een natuurkundig fenomeen is een gebeurtenis wat geobserveerd kan worden en wat voorkomt in de natuur. Het is géén éénmalige gebeurtenis, maar een actie wat herhaaldelijk plaats kan vinden. Een natuurverschijnsel dus. Echter een boom, steen of een bot die je uit de grond graaft is geen fenomeen te noemen. Een onweersflits, het ontkiemen van een zaadje of bijvoorbeeld de ziekte scheurbuik wel.


4. Wat is wetenschap niet?

Het mag duidelijk zijn dat alles wat fictie is niet tot de empirische wetenschap behoort. We kunnen bijvoorbeeld geen experimenten uitvoeren met smurfen. Maar ook alles wat zich in het verleden heeft afgespeeld is geen ‘echte’ wetenschap te noemen, omdat we niet kunnen experimenteren met het verleden en er ook geen sprake is van een natuurkundig fenomeen. Dat geld dus ook voor vakken als Paleontologie, Antropologie, Archeologie, Geologie, Evolutieleer en Kosmologie. Sterrenkunde gaat over het observeren van het heelal (fenomeen), we kunnen de sterren en de planeten volgen en beschrijven, maar we kunnen er geen daadwerkelijke experimenten mee doen. Sterrenkunde is daarom ook géén empirische wetenschap te noemen. Dat geldt ook voor wiskunde, omdat hier geen sprake is van de fysieke wereld of de natuur. Wat blijft er dan over, of terwijl, wat is wel echte wetenschap te noemen: Natuurkunde, Scheikunde, Biologie, Biochemie, Kwantummechanica, Genetica etc.

Bedenk ook dat wetenschap geen entiteit is. Je kan dan ook nooit spreken over: “De wetenschap zegt…” Of: "De wetenschap adviseert..."Wetenschap is simpel gezegd een onderzoeksmethode.


5. Waarvoor dient empirische wetenschap?

Empirisch onderzoek heeft de mens gediend. Het deed bijvoorbeeld experimenten om de oorzaak te achterhalen van scheurbuik, en kwam met resultaten om de bemanning van de zeilschepen gezond te houden. Ook kan je experimenten doen om de oorzaak van onweer en bliksem te bepalen. Daardoor kunnen we beter begrijpen wat het fenomeen onweer is. Dankzij deze methode hoeven we onszelf niet meer voor de gek te houden, en hoeven we niet meer te geloven dat die lichtflitsen van boven boze ontstemde goden zijn. Wetenschap focust zich uitsluitend op oorzaak en gevolg.


Deze empirische wetenschappelijke onderzoeksmethode maakt een einde aan kwakzalverij, mythes, geloof en meningen. Ze zorgt ervoor dat diegene die het hardst praat niet altijd gelijk heeft, of dat een machtige kleine kliek mensen valse informatie kunnen verspreiden. Empirische kennis zorgt ervoor dat we weten waarom iets verloopt zoals het verloopt. We kunnen voorspellingen doen. Met andere woorden: geloven in een fenomeen wordt enorm gereduceerd dankzij deze empirische verworven kennis.


6. Wat houdt de wetenschappelijke methode in?

Wetenschap is niets anders dan een methode. Een stappenplan die je uitvoert, totdat je een wetenschappelijke theorie hebt vekregen. In de wetenschap is een theorie een getoetst model ter verklaring van waarnemingen van de werkelijkheid. Er is ook een andere definitie van ‘theorie’ en dat gaat meer over abstracte zaken of denkbeelden, die —bij wijze van— alleen op papier bestaan. Deze zou je dus niet met elkaar moeten verwarren.


Wat zijn de eisen om iets tot een empirische wetenschappelijke theorie te mogen bestempelen? Dat is als het experiment om tot die theorie te komen waarneembaar, toetsbaar, reproduceerbaar en falsifieerbaar zijn. Dat laatste houdt in dat je de wetenschappelijke theorie dus ook moet kunnen weerleggen als daar enige aanleiding voor is.


De stappen van de wetenschappelijke methode die je uitvoert zijn als volgt:

  • STAP 1: Observeer het natuurkundig fenomeen

  • STAP 2: Bestudeer de literatuur over wat al bekend is (literatuur-review)

  • STAP 3: Ontwerp een hypothese die getoetst kan worden. Een hypothese is een voorspelling die je doet. Je voorspelt hoe een onafhankelijke variabele (de oorzaak) van invloed is op de afhankelijke variabele (het gevolg of effect).

  • STAP 4: Voer het experiment uit. In het experiment probeer je vast te stellen wat het verband is tussen de verschillende variabelen. De onafhankelijke variabelen verander je (bijvoorbeeld de temperatuur). De afhankelijke variabelen worden door de onderzoeker gemeten en verzameld als data. (bijvoorbeeld de snelheid van ontkieming van zaadjes). Dat is het resultaat van een experiment.

  • STAP 5: Analyseer de gegevens.

  • STAP 6: Trek conclusies betreffende de juistheid of onjuistheid van de hypothese.

  • STAP 7: Breng verslag uit.

De allerbelangrijkste stappen die ik wil benadrukken zijn stap 1, 3 en 4. Want als er geen sprake is van een natuurkundig fenomeen (stap 1) dan kan je ook geen experiment uitvoeren, en is er dus geen sprake van empirisch bewijs. Laat staan als we iets niet kunnen observeren.


Stap 3 is de belangrijkste kern van wetenschappelijk onderzoek. Bij stap 3 is het namelijk belangrijk dat je een oorzaak en gevolg gaat voorspellen. Dat is een hypothese, een voorspelling. Dus als in het experiment variabele A wordt veranderd dan heeft dat invloed op variabele B. A kan de onderzoeker manipuleren of veranderen en is dus onafhankelijk. Deze onafhankelijke variabele moet gedefinieerd zijn in de hypothese. Zijn er geen onafhankelijke variabelen waarmee je kan experimenteren? Dan is er geen sprake van een hypothese en kan je dus geen experiment uitvoeren, en mag je dus geen conclusies trekken. Met andere woorden: Variabele A is de oorzaak en variabele B is het gevolg of het effect, of het fenomeen. Nogmaals, dit is de belangrijkste kern van de empirische wetenschap, en op dit punt gaat het vaak mis. Men maakt dan een voorspelling gebasseerd op iets waar je geen invloed op kan uitoefenen.


7. Voorbeelden van hypotheses zonder onafhankelijke variabelen.

Een voorbeeld van een goed geformuleerde wetenschappelijke hypothese is:

  • Als de (kiem)temperatuur van graszaad onder de 6 graden is dan ontkiemt graszaad niet.

Onjuiste hypotheses zijn:

  • Als de oerknal waar is dan zouden we uitdijende galaxies moeten kunnen waarnemen.

  • Als evolutie waar is dan zouden we nu biodiversiteit moeten kunnen waarnemen.

  • Als ontzichtbare vuurspugende draken bestaan dan zouden we nu verbrande garagedeuren moeten aantreffen.

Al deze hypothesen zijn onjuist geformuleerd, en kunnen dus niet als wetenschappelijk worden beschouwd. Er is wel een oorzaak en gevolg aan te wijzen, maar wat er aan ontbreekt zijn de onafhankelijke variabelen. Waarom? Omdat je in het oerknal voorbeeld de oerknal niet nog eens kan overdoen. Ook kan je geen invloed uitoefenen op de evolutie zoals die zogenaamd in het verleden heeft plaatsgevonden.


8. Drogredenaties.

De onjuiste hypotheses van hierboven zijn ook drogredenaties te benoemen. Deze drogredenatie omschrijft zich ook in de volgende formule:

  1. Als [P] dan [Q]

  2. [Q]

  3. dus [P]

In taal is de drogredenering als volgt:

  1. Als evolutie waar is (P) dan zouden we biodiversiteit moeten waarnemen (Q).

  2. We zien biodiversiteit (Q),

  3. dus de evolutietheorie is waar (P).

De volgende bewering is ook een drogredenen:

  1. Als ik een hele pizza op eet (P) dan zit ik vol (Q).

  2. Ik zit vol (Q),

  3. dus heb ik een hele pizza opgegeten. (P)

In dit voorbeeld is het overduidelijk dat wanneer je vol zit (Q), dat niet per sé komt omdat je pizza (P) hebt gegeten. Dit kan net zo goed gekomen zijn omdat je bijvoorbeeld een groenteschotel hebt gegeten.


9. Onbewezen hypothesen over een bolle Aarde.

Het heliocentrisch model valt of staat bij een aantal claims die bewezen moeten worden middels een (empirisch) wetenschappelijk experiment. Aan de hand van de wetenschappelijke methode wil ik de experimenten doornemen en aanwijzen dat sommige hypothesen hierbij niet waarneembaar, toetsbaar, reproduceerbaar en falsifieerbaar zijn. Bij veel experimenten ontbreekt ook een onafhankelijk variabele waardoor de hypothese niet eens wetenschappelijk genoemd mag worden.

  • Welk experiment is gedaan om de kromming van de veronderstelde aardbol te bewijzen?

  • Welk experiment is gedaan om de beweging van de veronderstelde aardebol te bewijzen?

  • Welk experiment is er gedaan om het bestaan van zwaartekracht (puntmassa oefent kracht uit op andere puntmassa's) te bewijzen?

  • Welk experiment is er gedaan om te bewijzen dat luchtdruk naast een vacuüm kan blijven bestaan zonder enige barrière (container)?

  • Welk experiment is er gedaan om te bewijzen dat er een zelf-voortzettende gesmolten nikkel-ijzeren kern in het centrum van de veronderstelde aardbol is?

  • Welk experiment is er gedaan om de afstand van de veronderstelde aardbol tot de zon te bewijzen?

  • Welk experiment is er gedaan om de radius van veronderstelde aardbol te bewijzen?


0 keer bekeken
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now